Methodologie van de KidsRights Index

De KidsRights Index heeft een volledig vergelijkbare maatstaf ontwikkeld voor de prestaties van landen op het gebied van kinderrechten, die van toepassing is op alle staten die partij zijn bij het Verdrag inzake de rechten van het kind (CRC) en waarvoor adequate en actuele gegevens beschikbaar zijn.

Bepaalde kwesties op het gebied van kinderrechten, zoals kindhuwelijken of de situatie van kinderen in gewapende conflicten, komen in sommige landen veel vaker voor dan in andere. Dit maakt het moeilijk om tot een eerlijke vergelijking tussen landen te komen bij het toekennen van scores aan dergelijke kwesties in een index. Bovendien maakt het gebrek aan of de onbeschikbaarheid van gegevens over bepaalde specifieke kwesties die zich wel in bijna alle landen voordoen, zoals geweld tegen kinderen of de behandeling van vluchtelingenkinderen, het moeilijk om die kwesties te meten en/of tot adequaat vergelijkbare resultaten te komen. Hoewel het daarom niet mogelijk is om deze kwesties in de KidsRights Index op te nemen, bevatten de jaarlijkse KidsRights Index rapporten soms speciale rubrieken over dergelijke kwesties.

De KidsRights Index richt zich op algemene thema’s die in principe even relevant zijn voor alle staten die partij zijn bij het Verdrag inzake de rechten van het kind (CRC) en waarvoor over het algemeen op consistente wijze betrouwbare gegevens beschikbaar worden gesteld. De ranglijsten van de KidsRights Index zijn het resultaat van een geïntegreerde analyse van bestaande, hoogwaardige gegevens die zijn gepubliceerd door het Kinderfonds van de Verenigde Naties (UNICEF), het Departement voor Economische en Sociale Zaken van de Verenigde Naties (UNDESA), het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP), de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en het Comité voor de Rechten van het Kind.

Grondig onderzoek op vijf gebieden

De KidsRights Index bestaat uit vijf domeinen. Hoe hoger de score in een domein, hoe beter het land presteert op dat gebied van kinderrechten.

Leven

Gezondheid

Onderwijs

Bescherming

Een stimulerende omgeving voor de rechten van het kind

Tot aan de KidsRights Index 2025 vormden twintig indicatoren de basis van de index. In de KidsRights Index 2026, waarin ‘obesitas’ en ‘overgewicht’ als twee nieuwe indicatoren in het domein Gezondheid zijn toegevoegd, bestrijken en meten tweeëntwintig indicatoren samen deze vijf domeinen. Van de tweeëntwintig indicatoren zijn er vijftien kwantitatief (domeinen 1 tot en met 4) en zeven kwalitatief (domein 5).

Berekening van de scores voor de domeinen 1 tot en met 4

De scores voor de domeinen 1 tot en met 4 worden berekend als het gemiddelde van de scores van de onderliggende indicatoren. Alle indicatoren worden gestandaardiseerd tussen een minimum van 0,01 en een maximum van 1 met behulp van een lineaire schaaltechniek. Als er scores ontbreken voor bepaalde indicatoren, wordt de domeinscore berekend op basis van de overige indicatoren. De score voor een bepaald domein wordt echter niet berekend als meer dan de helft van de indicatoren van dat domein ontbreekt.

Bovendien wordt een land niet in de index opgenomen als de score voor domein 5, ‘Gunstig klimaat voor kinderrechten’, ontbreekt, of als meer dan de helft van alle domeinscores ontbreekt (d.w.z. als de domeinscores voor drie of meer van de vijf domeinen ontbreken)

Berekening van de scores voor domein 5

Domein 5, oftewel het ‘gunstig klimaat voor kinderrechten’, is een belangrijk en uniek domein van de KidsRights Index. Het is nauw gebaseerd op het Verdrag inzake de Rechten van het Kind en laat zien in hoeverre landen de algemene beginselen van het Verdrag in de praktijk hebben gebracht en hoe het staat met hun fundamentele ‘infrastructuur’ voor het ontwikkelen en uitvoeren van wetten en beleid die zijn gebaseerd op de rechten van het kind. De scores voor Domein 5 zijn afgeleid van de meest recente slotopmerkingen (Concluding Observations, CO’s) van de respectieve verdragsluitende staten, zoals aangenomen door het VN-Comité voor de Rechten van het Kind. Deze CO’s vormen het eindresultaat van de rapportageprocedure waarmee de prestaties van staten bij de uitvoering van het Verdrag worden gemonitord. De CO’s geven de standpunten weer van het CRC-Comité over de mate waarin de rechten van het kind in een bepaald land gedurende een bepaalde periode zijn gerealiseerd.

De scores voor Domein 5 worden als volgt berekend. Eerst worden de slotopmerkingen van het Comité geanalyseerd op opmerkingen over de prestaties van een land op de zeven geselecteerde indicatoren waaruit Domein 5 bestaat:

  1. Non-discriminatie
  2. Het belang van het kind
  3. Respect voor de mening van het kind / inspraak van het kind
  4. Invoering van nationale wetgeving
  5. Inzet van het ‘best beschikbare’ budget
  6. Verzameling en analyse van uitgesplitste gegevens
  7. Samenwerking tussen de overheid en het maatschappelijk middenveld ten behoeve van de rechten van het kind.

Deze zeven indicatoren vormen samen wat kan worden beschouwd als het algemene ondersteunende kader, of de ‘infrastructuur’ voor de rechten van het kind, waarvan van elke staat die partij is bij het Verdrag inzake de rechten van het kind wordt verwacht dat deze aanwezig is. De eerste drie (non-discriminatie, het belang van het kind en participatie van het kind) zijn algemene beginselen van het Verdrag inzake de rechten van het kind. De laatste vier (wetgeving, begroting, gegevens en samenwerking tussen de staat en het maatschappelijk middenveld) vertegenwoordigen basiselementen of instrumenten die staten moeten inzetten om beleid inzake kinderrechten te kunnen ontwikkelen en uitvoeren en om de praktijk van kinderrechten op gang te brengen. Deze reeks vereisten is van toepassing op alle landen ter wereld, is voor alle landen ter wereld even relevant en is cruciaal voor het opbouwen van capaciteit om het IVRK uit te voeren. Ze vormen dus een relevante en volledig vergelijkbare maatstaf voor de prestaties op het gebied van kinderrechten.

Voor elk van de bovenstaande zeven indicatoren krijgen de landen een score op een schaal van 1 tot en met 3. De daadwerkelijke score die voor elke indicator wordt toegekend, is uitsluitend gebaseerd op de bewoordingen die het Comité voor de Rechten van het Kind in zijn slotopmerkingen heeft gebruikt. Een score van 1 (of ‘laagste’) betekent dat het Comité uitsluitend negatieve opmerkingen heeft gemaakt. Een score van 2 (of ‘gemiddeld’) betekent dat het Comité zowel negatieve als positieve opmerkingen heeft gemaakt. Een score van 3 (of ‘hoogste’) betekent dat het Comité uitsluitend positieve opmerkingen heeft gemaakt. Indien het Comité een bepaalde indicator niet heeft behandeld in de slotopmerkingen over een bepaald land, geldt de score NA (‘niet behandeld’). De daaruit voortvloeiende eindscores worden gestandaardiseerd met behulp van een lineaire schaaltechniek.

Deze algemene beginselen zijn vastgesteld door het VN-Comité voor de Rechten van het Kind en moeten als leidraad dienen bij alle inspanningen ter uitvoering van het Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Het voortbestaan en de ontwikkeling van kinderen zijn aangemerkt als een ander algemeen beginsel van het Verdrag. Dit principe is echter van een andere (en meer inhoudelijke) aard dan de drie andere genoemde algemene beginselen, en kan in feite alleen volledig worden nagestreefd door het Verdrag in zijn geheel te realiseren. In die geest is het algemene beginsel van overleving en ontwikkeling via de domeinen 1 tot en met 4 geïntegreerd in de KidsRights Index en wordt het niet nogmaals afzonderlijk behandeld in domein 5.

 

Berekening van totaalscores, rangen en clusters

Elk domein van de index heeft hetzelfde gewicht. De scores voor elk domein worden berekend als het gemiddelde van de onderliggende indicatoren. Zoals eerder uitgelegd, zijn alle indicatoren gestandaardiseerd met behulp van een lineaire schaaltechniek. Deze schaaltechniek zorgt ervoor dat de score voor elke indicator tussen 0,01 en 1 ligt. Aangezien alle indicatoren positief zijn gecodeerd, kan een hogere score voor elke indicator worden geassocieerd met een positieve bijdrage aan de rechten van kinderen.

De totale score van een land op de KidsRights Index wordt berekend als het geometrisch gemiddelde van de scores van de vijf domeinen. Over het algemeen wordt het geometrisch gemiddelde gebruikt in plaats van het rekenkundig gemiddelde, omdat het hierdoor moeilijker is om lage scores op specifieke domeinen te compenseren. Dit wordt gerechtvaardigd door het argument dat een dergelijke compensatie niet wenselijk is, omdat alle aspecten van de kinderrechten die in de Index aan bod komen, als even belangrijk worden beschouwd. Deze redenering is gebaseerd op het principe dat alle kinderrechten ondeelbaar, onderling afhankelijk en met elkaar verweven zijn. Daarom kan een extreem lage score op één gebied van de kinderrechten, bijvoorbeeld wat betreft het bieden van een ‘gunstige omgeving voor kinderrechten’, niet worden gecompenseerd door een hoge score op bijvoorbeeld ‘onderwijs’.

De index is een ranglijst van landen, waarbij kleurcodes de relevante clusters van rangschikkingen aangeven. Er zijn vijf verschillende clusters. Landen in elk cluster vertonen een vergelijkbaar prestatieniveau. Dit betekent dat elke cluster landen vertegenwoordigt waarvan de scores binnen hetzelfde bereik liggen, bijvoorbeeld van 0,991 tot 0,981. Binnen een cluster liggen de scores van de landen dichter bij elkaar dan tussen de clusters onderling. De clusters worden weergegeven op gekleurde wereldkaarten in het KidsRights Index rapport en het KidsRights Index dashboard.

De 194 landen die in de KidsRights Index zijn opgenomen, zijn ingedeeld in 5 clusters. Cluster 1 omvat de best presterende landen en cluster 5 de slechtst presterende landen. Landen die in dezelfde clusters zijn gegroepeerd, kunnen in grote lijnen worden beschouwd als landen die op hetzelfde niveau presteren, ondanks de verschillen in hun respectieve rangschikking. De verschuiving van landen tussen clusters is een sterke indicator van aanzienlijke verbeteringen of verslechteringen in de situatie van de kinderrechten in die landen. In dit rapport worden clusterinzichten gegeven voor de KidsRights Index 2026 als geheel, evenals voor elk van de domeinen in de bijbehorende subparagrafen, samen met een gedetailleerd overzicht van de clusterindelingen op regionaal niveau. Deze inzichten op mondiaal en regionaal niveau helpen verder bij het beoordelen en in context plaatsen van de vooruitgang die is geboekt bij het realiseren van de normen voor kinderrechten zoals vastgelegd in het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind.

Klimaatverandering in de KidsRights Index

De afgelopen drie edities hebben we geëxperimenteerd met klimaatverandering als zesde domein van de index. Dit domein is bedoeld om rekening te houden met de relevante inspanningen van de landen op het gebied van aanpassing aan en beperking van klimaatverandering.

Net als bij de vorige KidsRights Index hebben we ook voor de KidsRights Index 2026 de scores voor het tegengaan van klimaatverandering uit de Environmental Performance Index 2024 van Yale University meegenomen. De indicatoren die samen de scores voor het tegengaan van klimaatverandering vormen, „volgen de trends in de uitstoot van klimaatverontreinigende stoffen door landen: vier broeikasgassen en zwarte koolstof“.

Het domein ‘klimaatverandering’ draagt nog niet rechtstreeks bij aan de resultaten van de totale KidsRights Index over de domeinen 1 tot en met 5. Aangezien domein 6 (klimaatverandering) nog in ontwikkeling is, wordt het voorlopig nog apart gehouden van de totale index, hoewel we wel analyseren hoe de resultaten voor het nieuwe domein ‘klimaatverandering’ de algemene ranglijst zouden beïnvloeden als het volledig zou worden geïntegreerd. Zodra het werk aan het domein ‘klimaatverandering’ volledig is uitgekristalliseerd, zal het een vast en volledig geïntegreerd onderdeel van de KidsRights Index worden.

Deze site is geregistreerd op wpml.org als een ontwikkelingssite. Schakel over naar een productiesite sleutel om remove this banner.